Rudi Welling, sinds maart manager van het Landelijk Informatiecentrum Voertuigcriminaliteit (LIV)

Hoog tijd om hem voor te stellen en beter te leren kennen. Rudi Welling (54 jaar) is getrouwd met Marja en vader van Alexander 22 jaar. Samen met zijn vrouw woont hij op een mooi plekje aan het water in Stadskanaal. In zijn vrije tijd is hij regelmatig te vinden op de tennisbaan, waar hij zijn tegenstanders graag uitdaagt met een dropshot en een lobje. Goedlachs vult hij daarop aan: “niet alleen voor het spel, want het stukje gezelligheid en humor dat er bij komt kijken zijn voor mij zeker zo belangrijk ”. Naast zijn drukke baan bij het LIV blokt hij zijn agenda regelmatig af voor een actieve wandelvakantie in de bergen of aan zee.

Wat heeft je bewogen om manager van het LIV te worden?
“Sinds 1995 werk ik bij de RDW. In eerste instantie in projecten, vanuit mijn studie bedrijfskundige informatica, voor verbetering en innovatie van de dienstverlening. Daarin kreeg ik de kans om met vele partijen zoals Gemeenten, verzekeraars en de autobranche samen te werken om de digitale diensten van de RDW verder te ontwikkelen. In al die jaren heb ik vele organisatieonderdelen gezien en veel ervaring opgedaan. Ik kwam er snel achter dat ik graag samen met anderen werk aan het bereiken van concrete resultaten. Vanuit de RDW vind ik het belangrijk om zichtbaar te zijn en zo een bijdrage te kunnen leveren aan burger en maatschappij. Als manager van de handhaving op de verzekeringsplicht en de APK plicht heb ik een veranderproces geleid, waardoor we van het klakkeloos opleggen van een boete (boetemachine) naar het bieden van de helpende hand zijn gegaan. Hierdoor ben ik mij nog meer gaan interesseren voor maatschappelijke thema’s, waaronder de bestrijding van voertuigcriminaliteit. Toen het LIV op zoek was naar een nieuwe manager was de keuze dan ook snel gemaakt”.

Wat zijn de ontwikkelingen binnen LIV?
“Het LIV heeft de afgelopen jaren al veel bereikt, waar we samen trots op mogen zijn. Door  strakkere privacyregels, onder meer door de invoering van de AVG, ontstonden er uitdagingen in de informatiedeling. Om dit probleem te tackelen hebben we samen met alle partners binnen het LIV naar een duurzame oplossing gezocht. Het is mede om deze reden dat er nu een nieuw kaderconvenant ligt, ondertekend door de RDW, politie en verzekeraars. Dit biedt een kapstok om andere partijen of onderwerpen in de toekomst hieraan toe te voegen”. “Onder het convenant zijn drie onderwerpen nader uitgewerkt, waaronder ‘opsporing’, ‘onderzoek, preventie en verhaal’ en het ‘Aangifteproces Gestolen Voertuigen’. Met deze uitwerking ligt er nu een goede basis voor de toekomst. Tenslotte is samenwerking binnen het LIV essentieel, want het is de kern van ons bestaan”.

Op 16 mei 2002 werd het samenwerkingsverband LIV opgericht, waar politie, RDW en VbV de handen ineen hebben geslagen om voertuigcriminaliteit aan te pakken.

Wat is de toegevoegde waarde van deze publiek – private samenwerking?
“Alle deelnemende partijen beschikken over veel data en kennis die voor opsporing en onderzoek kunnen worden ingezet. Een private organisatie kijkt totaal anders naar een vraagstuk dan een publieke organisatie. Door deze invalshoeken met elkaar te verbinden kunnen we sneller en breder onderzoek doen en daarmee betere informatie verstrekken. Het is zaak dat we de toegevoegde waarde van onze diensten communiceren. De boodschap moet helder zijn: waar staat het LIV voor en voor welke vragen en informatie over fraude  en (georganiseerde) voertuigcriminaliteit kunnen diverse partijen een beroep op ons doen”?

Waarmee heeft LIV haar expertise uitgebreid?
“Op het gebied van datascience is onze capaciteit uitgebreid. Onze dataspecialisten zijn in staat om betere analyses te maken, waarmee we samen onderzoek en opsporing naar een hoger niveau kunnen tillen. Verzekeraars kunnen met fraudeonderzoeken bij ons terecht, waarbij telkens bekeken moet worden welke informatie gedeeld kan en mag worden, vanuit de samenwerkingsgedachte”.

Waarom is de rol van VbV hierin zo belangrijk?
“Het VbV vertegenwoordigt de belangen van de alle Nederlandse schadeverzekeraars en beschikt over kennis en ervaring in het private domein. Zij speelt een belangrijke rol in het kader van de schadelastreductie. Dit vergt een andere invalshoek, tenzij de schade te maken heeft met voertuigcriminaliteit. En niet te vergeten de nevenschade dat voertuigcriminaliteit veroorzaakt (ernstige delicten). Mijn insteek is dat ik voor alle vormen van voertuigcriminaliteit en georganiseerde fraude ondersteuning zou willen bieden aan verzekeraars. Samen met het VbV hebben we al mooie resultaten geboekt om gestolen voertuigen en voertuig gerelateerde fraude te bestrijden”.

Wat wil je binnen twee jaar met LIV bereiken?
“Samen met het team zullen we werken aan het verder uitbouwen van processen en  maatregelen die moeten leiden tot een betere aanpak van fraude en georganiseerde voertuigcriminaliteit. Zo willen we de heterdaadkracht vergroten, en samengestelde informatie leveren om onderzoeksresultaten te verhogen. Ook zullen we ons extra gaan inspannen om het Aangifteproces Gestolen Voertuigen (AGV) een prominentere plek te geven om het aantal aangiften te verhogen. Uit cijfers blijkt dat het AGV 60% van het aantal aangiften verwerkt. Dat vergt goede communicatie richting de politie en de burger”.

Tot slot
“Het LIV is een uniek samenwerkingsverband, waar een duidelijke gedachte achter zit. Samen is er nog veel te doen en te bereiken met als doel ons steentje bij te dragen aan een veiliger Nederland”.