De rechtbank Noord Holland veroordeelde begin september 2022 een verdachte voor de diefstal van een aantal voertuigen. Aan de verdachte werd de diefstal van vijf voertuigen ten laste gelegd en daarnaast de heling van vier voertuigen. In acht gevallen betrof het een Toyota en in één geval een Mazda. Alle voertuigen waren uitgerust met een keyless-entry waarvan de eigenaar in alle gevallen in het bezit was van de originele sleutels. Op de plaats delict zijn geen braaksporen aangetroffen. Bij alle auto’s die later rijdend zijn aangetroffen had de chauffeur telkens de beschikking over een werkende duplicaat sleutel.

Apparatuur in loods
In een loods werden diverse goederen aangetroffen waarmee “valse” autosleutels konden worden gemaakt. Door de politie werd verdachte waargenomen toen hij de loods verliet en op slot draaide. Verdachte verklaarde niets met (de huur van) de loods te maken te hebben, maar de rechtbank acht deze verklaring niet aannemelijk. De verhuurder heeft immers verklaard dat hij de loods verhuurde aan een persoon die bereikbaar was op een telefoonnummer, waarvan verdachte verklaarde dat het nummer aan hem toebehoorde.

Professioneel en berekenend
Volgens de rechtbank ging verdachte zeer professioneel en berekenend te werk. Met behulp van technische hulpmiddelen werden autosleutels uitgelezen en “nagemaakt”. Auto’s konden zodoende zeer snel en eenvoudig worden weggenomen. Ze werden koud gezet en door “drivers” naar andere locaties gereden. Verdachte heeft de “drivers” het meeste risico laten lopen en heeft daarbij geprobeerd zelf buiten de schot te blijven. De rechtbank neemt de verdachte dit zeer kwalijk.

Veroordeling
De rechtbank ontslaat de verdachte van alle rechtsvervolging voor zover het de heling van de voertuigen betreft. Uit de bewijsmiddelen volgt dat de verdachte de voertuigen voorhanden heeft gehad door deze zelf weg te nemen en zich wederrechtelijk toe te eigenen. Deze vaststelling staat in de weg aan de kwalificatie van dat bewezenverklaarde als heling. De Officier van Justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden waarvan 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. De rechtbank is van oordeel dat deze gevorderde straf onvoldoende recht doet aan de aard en ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder die zijn begaan en legt verdachte een gevangenisstraf op voor de duur van 16 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar.

Lees hier het vonnis.